Windmolens moeten bos financieren

AMSTERDAM - Staatsbosbeheer gaat bij nieuwe bossen ook windmolenparken aanleggen. Met de opbrengst van de windenergie moet het onderhoud van het bos worden betaald, schrijft Trouw dinsdag.
Een groot probleem bij de aanleg van windmolenparken is dat er vaak veel verzet is van het publiek. Er zou meer draagvlak zijn als tegelijk met de windmolens ook een bos wordt aangelegd.

In twintig jaar tijd worden de bomen ongeveer vijftien meter hoog. Daardoor zouden de windmolens vanaf de grond nog nauwelijks te zien zijn.

Staatsbosbeheer heeft al plannen voor zogenoemde 'windbossen' in en rondom het Robbenoordbos en het Dijkgatbos bij Wieringen. Ook de provincie Flevoland zou interesse hebben.

In Frankrijk worden volgens de krant al langer windmolens in bossen gebouwd, maar niet in gebieden waar de natuur een beschermde status heeft. Nederlandse deskundigen zouden echter van mening zijn dat het ook in zulke gebieden mogelijk is.

Staatsbosbeheer moet in 2012 twintig miljoen euro bezuinigen. Dat loopt op tot veertig miljoen euro in 2015, de helft van het budget. Daarom zoekt de beheerder naar andere inkomstenbronnen.

Ook andere terreinbeheerders moeten bezuinigen. Het Bosschap waarin zij zijn verenigd, denkt naast windenergie onder meer aan het invoeren van parkeergeld bij populaire recreatiegebieden.